De verlaten weg.
Gekregen van de familie Segers.

Een jongen was met zijn vriendin op weg naar huis. Ze reden over een onverlichte, verlaten weg, en ze zaten gewoon te praten en zo. Opeens staat de auto stil. De jongen gaat naar buiten en kijkt onder de motorkap. Vervolgens zegt hij tegen zijn vriendin: "De benzine is op. Ik ga even hulp halen. Een paar kilometer terug zag ik een huis. Ik denk niet dat er iets kan gebeuren, maar doe toch de deuren maar op slot en ga de auto niet uit. Wanneer ik terug kom klop ik drie keer op het raam." Het meisje knikt, en de jongen loopt terug over de weg. Het meisje voelt zich niet op haar gemak en zet de radio aan. Na een tijdje begint ze zich toch zorgen te maken dat haar vriend zo lang wegblijft. Ze zet de radio uit en wil de auto uitstappen, maar ze herinnert zich de belofte aan haar vriend. Dus blijft ze zitten.
Even later valt er een schaduw over haar schoot, en ze kijkt naar de voorruit. Ze verwacht haar vriend te zien, maar ze ziet een enge, gestoord uitziende man. Hij grijnst naar haar, en doet langzaam zijn linkerarm omhoog. Daaraan hangt het hoofd van haar vriend, waarop de angst en verschrikking nog te zien is. Ze sluit haar ogen, in de hoop dat het beeld verdwijnt. Ze telt tot tien en doet ze weer open. Maar de man staat er nog steeds. Hij grinnikt, en tilt nu langzaam zijn andere arm op. Daarin heeft hij de sleutels van ... de auto.